12de Zondag door het jaar

Auteur: Anton-Marie Milh
Datum: 20-06-2021
Liturgische tijd: Door het jaar
Liturgische jaar: B
Jaar: 2020-2021

Beste zusters en broeders,

“Wie is toch die Jezus?” Deze vraag, die als een rode draad door het Marcusevangelie loopt, zal pas een definitief antwoord krijgen bij de ontmoeting met de Verrezen Heer. Uit de passage die we vandaag lezen blijkt dat de leerlingen nog in het duister tasten. Ze zijn maar net geroepen, en volgen de leraar en wonderdoener uit Nazareth allicht eerder uit nieuwsgierigheid dan uit overtuiging. Niet wetende welk statuut ze hem moeten toekennen, geven ze hem op hun boot voor de zekerheid de ereplaats – met kussen – op het achterdek. Daar valt hij in slaap. Een diepe slaap, die als een clair-obscur in contrast staat met de hevigheid van de storm die losbarst. De leerlingen waren ervaren zeilers, maar meenden dat hun doodsvonnis getekend was. “Kan het u dan niet schelen dat wij vergaan?”, zo roepen ze uit.

Jezus’ kordate “Zwijg, wees stil!” kan begrepen worden als een antwoord zowel op de storm, die meteen gaat liggen, als op de paniek onder de leerlingen. Hoe anders klinkt dit “Zwijg, wees stil!” dan het geruststellende “Wees niet bang” dat Jezus de apostelen toeroept die andere keer op het meer, wanneer ze van angst bevangen zijn omdat ze een gestalte over het water zien lopen. Waarom lijkt Jezus hier strenger voor de apostelen?

Waar wij vandaag vooral geconfronteerd worden met bedreigde natuur – bosbranden, uitstervende diersoorten – werd de mens vroeger vooral geconfronteerd met bedreigende natuur. Weer en wind doen Paulus verschillende keren schipbreuk lijden. Enkele decennia later vaagt de uitbarsting van de vulkaan Vesuvius de stad Pompeï van de kaart. De natuur liet zich niet temmen. Om de illusie te wekken van controle, werden de natuurkrachten toegeschreven aan verschillende goden, die de mens gunstig kon stemmen door offers. Alvorens een zeereis te maken offerde men aan Poseidon. De reiziger over land, die verrast werd door een storm vol bliksem en donder, deed een schietgebedje tot Zeus. Het geloof van de leerlingen – ook al zijn ze Joods – lijkt hier niet veel verder te gaan. Het is eerder een bijgeloof. Hun gedachten bij God overstijgen de natuurfenomenen niet.

God bevindt zich echter niet op dit niveau. Zoals de profeet Elia al mocht ervaren zit God niet in de windvlaag, niet in de aardbeving, niet in het vuur, maar in de nauwelijks voelbare bries. In Jezus brengt God met een simpel bevel de storm tot bedaren. Hij verwijt de leerlingen een gebrek aan geloof, aan vertrouwen (pistis). Wanneer we dit lezen vanuit Jezus’ goddelijke zending om de mens te verlossen, begrijpen we dat de leerlingen nog een hele geloofsweg hadden af te leggen. Hoe zou de mens kunnen geloven dat God hem zijn Zoon als Verlosser heeft gezonden, indien hij nog niet gelooft dat God hem kan beschermen tijdens een storm? Als ik een vriend nog niet vertrouw voor iets kleins en simpels, zoals bijvoorbeeld het posten van een brief, hoe zou ik er dan op kunnen vertrouwen dat wanneer ik werkelijk in nood ben, hij mij te hulp komt? Het is zoals het antwoord van de meester aan de eerste twee dienaars in de parabel van de talenten: “Goede en trouwe dienaar, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen”.

Het leven van elk van ons wordt wel eens geteisterd door stormen: strubbelingen met vrienden of familie, problemen op het werk, ziekte en dood. Het zijn stormen die wij niet altijd zomaar tot bedaren kunnen brengen. Het Evangelie van vandaag roept ons op deze stormen vertrouwensvol in Gods handen te leggen. Geloven wij dat God deze met een kordaat “Zwijg, wees stil!” kan bedwingen? Vertrouwen in het kleine is een leerschool voor vertrouwen in het grote. Dat vertrouwen kan niet gevestigd zijn op een god-met-kleine-letter-g die het ene schip veilig de haven laat bereiken omdat de bemanning toevallig een os heeft geofferd, en het andere laat vergaan omdat de bemanning slechts een koppel duiven de nek heeft omgedraaid. Dat ‘levensvertrouwen’ is gevestigd op een God die zich aan ons te kennen geeft in zijn Zoon. Op een God die heeft bewezen dat Hij ons nabij wil zijn. Een God die zich wil neerleggen op de achtersteven van ons schip, als rustige en geruststellende, maar vooral liefdevolle en betrokken aanwezigheid.

 
Preek van de week

Inschrijving

Indien u iedere week een voorstel van preektekst van een dominicaan of een lekendominicaan wilt ontvangen, vragen wij u om uw inschrijving te bevestigen door te klikken op de link. Wij danken u bij voorbaat voor uw interesse in ons initiatief.

Schakel javascript in om dit formulier in te dienen

Onze preken

  • 1
  • 2

Neem contact met ons op

Heeft u vragen, opmerkingen of suggesties ? Wij doen ons best om u verder te helpen.

Merci d'indiquer à nouveau votre nom
Merci d'indiquer votre email Votre email n'est pas valide
Merci d'écrire un message